dinsdag 31 mei 2011

Living on the edge. Of waarom je bij elke Belgo-Amerikaanse taart best een kopje breekt.

Een Belgisch rijsttaartrecept en een Amerikaans taartdeegrecept. Bijna succes verzekerd!

Scherven brengen geluk en het succes van onze taart is nu definitief verzekerd!

Mary wijdt mij in in de geheimen van het zoete taartdeeg...

Het wonderbaarlijke resultaat!

Lieve lezers,
Hier ben ik weer. En wel meteen met een culturele-grens-overschrijdende taartenbakervaring! Vanmorgen moesten ik en een paar medestudenten een presentatie geven voor het vak etnobiologie over het speciale status van grensgevallen. Professor Pieroni had ons namelijk een wetenschappelijk artikel gegeven over hoe planten, dieren maar ook mensen zich anders gedragen als ze zich in een grensgebied bevinden. In positieve zin! Zo geven braambessenstruiken aan de rand van een bos veel meer braambessen dan de struiken die je in het midden van het bos vindt omdat ze daar zowel van de eigenschappen van de bosgrond kunnen profiteren als van die van de aangrenzende velden die toch net weer iets anders is. Ze kunnen dus van twee walletjes eten wat hun ontwikkeling stimuleert en hen productiever maakt. Maar ook met mensen schijnt dit het geval te zijn. Zo zouden mensen die in grensgebieden wonen veel flexibeler zijn in hun denkpatronen en over meer vaardigheden beschikken dan mensen die meer in het binnenland leven. De voorbeelden uit ons wetenschappelijk artikel betroffen wel alleen specifieke Canadese landbouw- en jachtgemeenschappen die op grensgebieden informatie met elkaar uitwisselden en elkaar zo verrijkten. Maar omdat wetenschappelijke artikels voorstellen – hoe interessant ook – toch nog heel vaak een slaapverwekkend effect heeft op de meeste van onze medestudenten, wilde onze groep er een persoonlijk en actief staartje aanbreien. Want waarom zouden we het over Canadese grensgebieden hebben als we in een klas zitten met mensen van over de hele wereld en we dus een jaar lang allemaal op een soort van gigantisch gemeenschappelijk cultureel grensgebied vertoeven? Konden we de stelling van het artikel dat grenscontacten bevorderlijk waren voor flexibiliteit en wederzijdse verrijking niet veel dichter bij huis illustreren? Mary en ik namen de proef op de som en besloten om te kijken wat er zou gebeuren wanneer we Mary’s ongelofelijk Amerikaanse bakkunsten zouden samengooien met mijn kennis van Belgische desserts. Piet Huysentruyt’s kookbijbel werd er bijgehaald voor een passend recept en Mary’s mythische kennis van ontelbare soorten taart- en koekjesdeeg en zo werd er beslist dat we een Belgische rijsttaart gingen bakken met één van Mary’s “tart shell” recepten. Het resultaat was absoluut verbluffend. Mijn eerste zelfgebakken rijsttaart was gewoon wonderbaarlijk! Dankzij al Mary’s slimme baktrukjes natuurlijk. Dankzij haar kwam ik te weten dat je om taartdeeg te maken altijd superkoude boter moet gebruiken. Ook slagroom opkloppen gaat stukken makkelijker als je room, je kom en je klopper ijskoud zijn. Mary legt ze dan ook meestal eventjes in de diepvriezer voor ze begint. Ze toonde me ook hoe je kan vermijden dat de deegrandjes van je taart verbranden (je moet zorgen dat ze mooi recht en dus overal even hoog zijn) en ze legde me uit dat je voor zoet taartdeeg het beste “bloem voor alle gebruik” neemt in plaats van “banketbakkersbloem” die duurder is maar in dit geval niet echt voordelen heeft. Ons “culturele grenzen”-avondje leerde ons trouwens nog meer over prijzen en culturele verschillen. Zo dacht Mary dat ik een fortuin had uitgegeven aan de ingrediënten van onze taart omdat ik een vanillestokje had gekocht. In Massachusetts, waar Mary vandaan komt, maar ook in heel veel andere staten in Amerika, zijn vanillestokjes namelijk peperduur. De twee stokjes waar ik gisteren 3 euro voor neertelde, kosten bij Mary thuis al gauw zo’n 12 dollar en ze werken dan ook veel meer met vanille-essence. In het wilde enthousiasme van onze culturele uitwisseling ging er wel een cappucinokopje tegen de vlakte. Mary vond het verschrikkelijk dat ik nu één van mijn mooie kopjes kwijt was maar ik zei haar lachend dat dat helemaal niet erg was omdat scherven nu eenmaal geluk brengen en onze taart dus zeker superveel succes zou oogsten. Daar keek ze heel vreemd van op en deze morgen kreeg heel de klas dan ook te horen wat voor een vreemde maar leuke optimisten die Belgen toch zijn. Iedereen kreeg een stukje taart en wij werden zoals verwacht getrakteerd op een daverend applaus. Ja, ja. Zoals verwacht. Of denken jullie nu echt dat ik voor mijn plezier mooie cappucino-mokjes tegen de grond smak? Mary moet ik in ieder geval niet meer overtuigen. Die gooit er van nu af aan ook vrolijk op los met het servies van zodra ze weer eens wat extra geluk kan gebruiken. Wat een grenservaring een mens toch allemaal niet kan bijbrengen...

Geen opmerkingen:

Een reactie posten